Mijn werkweek begint altijd met zwemmen. In de winter oefen ik mijn zwemvaardigheden in het binnenbad, in de zomer houd ik mijn conditie op peil door trimzwemmen in een openluchtzwembad. Programma’s onder leiding van een trainer.

 

Soms merk ik dat ik afgeleid wordt door de andere zwemmers in mijn training. Er sluipt competitie in mijn zwemgedrag. Ik let op de anderen en houd in de gaten hoe hard ze gaan. Stiekem ben ik teleurgesteld als blijkt dat iemand echt beter is. Verontwaardiging maakt zich van mij meester als ik zie dat sommigen de kantjes ervan af lopen. En als vrouw let ik ‘natuurlijk’ op het figuur van de andere zwemsters en op hun badkleding.

 

Terwijl ik me met anderen bezig houd, vermindert mijn concentratie. Het kost moeite om mijzelf ‘bij de les’ te houden. Het competitiegedrag speelt mij parten. Ik ga dan net zo hard als die ander proberen te zwemmen, of ik ga de oefeningen overdreven uitvoeren, zodat ‘de meester’ ziet dat ik er in ieder geval niet de kantjes van af loop. Argghh.

 

Het resultaat van zo’n training is dat ik ontevreden ben over mijn prestaties, zelfs als ik toch harder bleek te kunnen zwemmen. Of ik ben lichtelijk teleurgesteld dat niemand heeft gezien hoe goed ik de opdrachten uitvoerde.

 

Wat ging er mis?

 

Ik verloor mijn eigen doel uit het oog. Ik ging me meten aan anderen, me er zelfs door laten leiden. Ik liet me beïnvloeden door een ingebeelde competitie. Ik liet me meegaan in mijn eigen onderbuikgevoelens. Mezelf meten aan anderen maakte mij echter niet sterker. Zelfs niet als ik ‘won’ in deze ingebeelde competitie. Mijn gevoelens naar anderen werden hierdoor eerder vijandig dan vriendelijk.

 

Naar de politiek

 

Zwemtrainingen hebben een doel. Mijn doel. Net als politiek bedrijven. Jouw doel. Als politicus heb je een politieke agenda met doelen die je wilt bereiken. Het liefst in vriendelijke samenwerking.

 

Als ik mij tijdens het zwemmen focus op mijn eigen doel, dan gebruik ik de aanwijzingen en het programma van de trainer om mijn eigen beste resultaat te halen, niet de prestaties van anderen.

 

Als je je in de politiek focust op je eigen doel, dan gebruik je agenda van de gemeenteraad – als een programma - om je eigen beste resultaat te halen. In bijeenkomsten stel je gerichte vragen bij onderwerpen die jouw doelen dichterbij kunnen brengen. Je gaat de boer op om op jouw onderwerpen informatie binnen te halen. En je communiceert erover. Daarmee zet je mede-politici op het spoor om in jouw agenda (jouw focus) mee te denken.

 

Dan kan er iets moois ontstaan, net als mij gebeurde in het zwembad. Toen ik weer focuste op mijn eigen doel en vragen stelde aan de zwemtrainer werden deze soms beantwoord door een medezwemmer. En dat leidde ertoe dat we onze doelen konden verenigen en samen konden zwemmen om het trainingsdoel met vereende kracht te bereiken.

Ik leerde hierdoor beter zwemmen en kreeg meer plezier. Dat ervaar ik iedere maandagmorgen weer, als het me tenminste lukt niet de hele tijd jaloers te kijken naar de slanke, strakke jonge vrouwen alle zwemkleding passen.

 

 

 

 

 

Trudy Veninga is trainer communicatieve vaardigheden, gespecialiseerd in de politieke praktijk van raadsleden en bestuurders. Doet ook aan coaching, begeleiding en advisering aan individuele politici en fracties. Komt op voor het ambt van politici en voor vrouwen in bestuursfuncties.

www.depolitiekeschool.nl