“Veel mensen hebben geen benul van zwaarte en verantwoordelijkheid van het wethouderschap”, en nog een paar vooroordelen verschenen op het scherm bij een loopbaanbijeenkomst voor oud-bestuurders. Oud-wethouders hebben er mee te dealen. Wethouders in functie trouwens ook. Wat vertel je mensen op een verjaardagsfeestje over je werk?

Vertel je het? De inspanningen om voortdurend je mening klaar te hebben? Om tot besluiten te komen, in de wetenschap dat deze publiek worden? Inspanningen om weerstanden bij collega’s, ambtenaren, inwoners en gemeenteraad weg te nemen? Vertel je over de nachtelijke uren dat je piekert over een besluit wat je aan het hart gaat? Over de zenuwen als je een slecht-nieuws gesprek moet voeren of na een vervelend stuk in de krant? Zeg je iets over de discussies thuis over je werktijden, of over de pijn dat je je kinderen weinig ziet?

De werkelijkheid vertel je eigenlijk niet. Dat verwachten mensen ook niet van je. Want als je aangesproken wordt, als wethouder, dan gaat het over die foto in de krant waar je met een brede glimlach iets opent. Of het gaat over de inhoud van de politiek zelf: dat ze in Den Haag mesjokke zijn, en dat er toch niet geluisterd wordt. Lachen toch? En je lacht mee, soms van harte, soms als een boer met kiespijn.

Zelf heb ik ook ondervonden dat het moeilijk is om kort en bondig duidelijk te maken wat deze ‘baan’ inhoudt. Nog steeds word ik geraakt als ik opmerkingen hoor als: “Overwerken is keuze! Het is toch heerlijk als je nooit hoeft te puzzelen hoeveel vakantiedagen je nog hebt? Je wordt voorzien van koffie, je hebt een secretaresse, een heel ambtenarenapparaat zelfs! Je hebt een goed inkomen, en daarna recht op wachtgeld. Wat klaag je? Weet je wel hoe onzeker en moeilijk het is op de echte arbeidsmarkt?”

Wethouder ben je echt altijd, ook als je behoefte hebt gewoon even mens te zijn, en stoom af te kunnen blazen. Als jij jezelf niet vereenzelvigt met je functie, dan doen anderen dat wel voor jou. Tijdens én na het wethouderschap. Voor jouw persoonlijke beleving van het ambt is geen plaats op verjaardagsfeestjes.

Ik wil daarom opkomen voor wethouders. Voor al die de mensen die het wethouderschap ambiëren en uitoefenen. Het wethouderschap is een bijzonder vak, mooi ook, een ambt, waar je niet voor leert, maar dat je vanuit je hart doet omdat je betrokken bent bij je leefomgeving. Dat je je tijdelijk full-time (ja, dat geldt ook voor de part-time wethouders!) wilt inzetten, met achterlating van je zekerheden, is niets anders dan moedig.

Moedig, omdat je iedere dag opnieuw je plek moet verdienen, iedere dag opnieuw mensen moet overtuigen van jouw ideeën en je beleid. Moedig, omdat niets, maar dan ook niets, zeker is tot het moment dat de hamer het besluit bevestigt. Dat doet iets met je als mens. Zo’n foto in de krant, goede ondersteuning en een behoorlijk inkomen doen aan die moed niets af.

#ikkomopvoorwethouders