"'Wethouder houdt zich niet aan het coalitieakkoord'. Op zo'n uitdagende kop moeten de journalisten toch af komen? Wat denk je? Belt de journalist niet mij, maar de wethouder om uitleg. Weg publiciteit!"

Dit raadslid kan er niet meer om lachen. Al zijn pogingen om prominent in de krant te komen stranden, terwijl het de andere partijen wel lukt. Het fractiedoel om vaker in de publiciteit te komen faalt. Hij faalt. Uit zijn ooghoeken ziet hij journalisten besmuikt lachen, en gisteren zag hij nog dat één van hen een onderonsje had met een ander raadslid.

"Die mafkees roept maar wat", snoeft hij, "niets bereidt hij voor, vreselijke taal gebruikt hij. Hij vertelt de waarheid niet en is totaal niet bezig met het goed besturen van de gemeente. Maar wel iedere keer de chocoladeletters op de voorpagina! Hoe is het mogelijk?" En dat allemaal terwijl hij op de kieslijst stond vanwege zijn opvallende persoonlijkheid en zijn bachelor communicatie. Nota bene! Wat een faal.

Hij doet echt zijn best. Zijn betogen in de gemeenteraad zijn perfect voorbereid, inclusief de terminologie die de partij graag hanteert. Hij schrijft de taal die journalisten ook gebruiken. Als hij zijn betoog overhandigt, of opstuurt, is de reactie altijd dankbaar. Maar plaatsen, of een tweet eraan spenderen? Ho maar. Hij is er klaar mee.

Intervisie

De casus ligt op tafel. Er is herkenning en begrip. Eén deelnemer schuift op zijn stoel. Eigenlijk wil hij zijn advies al wel kwijt. Maar dat is de bedoeling nog niet bij deze intervisie. Eerst gaan we het probleem verkennen. Door het stellen van vragen en het luisteren naar de antwoorden.

[voorbeelden]

* waar moet een goed persbericht in jouw ogen aan voldoen?

* waar zou het aan moeten voldoen in de ogen van een journalist?

* in welke situatie heb je het bericht overhandigt?

* waarom zou de journalist voor de wethouder kiezen?

* ben je als enige verantwoordelijk voor dit fractiedoel?

* voor wie schrijf je de berichten?

 

Nu er duidelijkheid is over het probleem wordt de probleemstelling nog eens onder de loep genomen. Er komt nog een vraag boven. Dat mag. Met elkaar (her)formuleren we de stelling. Het raadslid checkt. Ook hij heeft meer inzicht gekregen in zijn situatie. Ligt het wel aan de journalist? Ligt het wel aan zijn deskundigheid? Is er iets anders aan de hand? De adviesronde volgt. Elke deelnemer geeft zijn advies of zijn ervaring, met oprechte aandacht.

Eye opener

Het raadslid gaat met een aantal goede adviezen naar huis. Die vraag voor wie hij schrijft speelt door zijn hoofd. Een andere invalshoek; die had hij nog niet bedacht. Net als het advies om de kernboodschap vooraf in de fractie te bespreken. Dat voelde als een opluchting. Hij hoeft het niet alleen te doen. Hij is er niet meer klaar mee, hij is er klaar voor. Klaar om verder te ontwikkelen, en zijn doel te bereiken.

Soms heb je anderen nodig om uit je situatie te stappen, en de oplossingen te zien. Je bereikt het met intervisie.